dinsdag 27 september 2022

SNUF DE HOND

 snuf de hond

Skip en ik bakeren ons in de zon. Hij volgt de vogels, ik lees in een magazine over: liefde seks senior': een documentaire van Menna Laura Meijer die bewijst dat ouderen nog steeds een actief liefdesleven kunnen hebben. Dan is het zomaar wandeltijd.

Op de hondenweide kiekt Mieke al wekenlang foto’s van vereerders van haar jachthond Snuf voor een nog in elkaar te fröbelen album. En met vriendjes bedoelt ze vrijers. Mieke brandt los: ‘Op Snuf raakten al voordat ze vruchtbaar werd zonder uitzondering alle mannetjes verkikkerd. Ze heeft gewoon een lekkere reuk aan d’r kont hangen. Elk reutje wil een ritje op haar maken, zelfs buiten haar loopsheid om. Al haar aanbidders zijn net als zij intussen belegen en het lijkt me leuk om voor later een aandenken te hebben.’

Voor de lens verschijnt Sjors die ik, vanwege zijn glanzend zwarte velletje waaraan vier witte teensokjes prijken, hardnekkig Sokje blijf noemen. De 11-jarige Snuf, zou als ze een vrouw van vlees en bloed was allang uitgetamponeerd zijn, zoals Tosca Niterink het origineel uitdrukte in datzelfde tijdschrift. Bij teefjes ligt dat net even anders. Sjors (volgende maand 10) hangt meteen in haar hals, en rijgt zich nog net niet vast aan haar derrière. De als pup ontmande Skip (10), die nimmer interesse toont in vrouwelijk schoon, laat staan dat hij rijbewegingen maakt, komt in actie als beschermheer met als neveneffect een voorbehoedsmiddel. Hij klemt zijn poten om Sjors. Beurtelings hangen de drie losjes op elkaar. Skip op Sjors, Sjors op Snuf, Snuf op Sjors en Skip op Snuf. Je ziet het ongetwijfeld voor je. Het is een gemoedelijk zootje ongeregeld en op je ouwe dag doe je gewoon alsof.

Mieke knipt zich suf. De bazin van Sjors is bang voor promiscue beeldmateriaal en haakt lachend af. Van toeschouwer Pongo, de bedeesde Beagle van negen en een half, waren al eerder plaatjes geschoten. Mieke druk pratend met gebaren: ‘Als ik straks Snufs balboekje laat circuleren, zal zijn baas het vast ook willen zien’. Als de jonge Moos, een lieverd van een Springer Spaniël zich aandient, staat onze laatbloeier direct buitenspel. Een mooi moment om zijn net hervonden libido in de rivier onder te dompelen om te temperen.

uit de dikke pil: Skipkluifjes

maandag 26 september 2022

ANTIPATHIE

 de allerliefst

Skip is voor onzekere wandelende vraagtekens een prima oefenmeester omdat hij nul komma nul agressie of confrontatie uitlokt. Hij doet me denken aan wijlen Corgi Queenie, de assistent-trainer van onze puppycoach die haar mee naar de les nam voor ‘zware jongens’: een teder en zorgzaam moedertje waar zelfs de horkerigste bonk voor door de knieën ging.

Het is na elven. De ochtendspits van sociale honden is voorbij. Een verse, aangelijnde ploeg - een rake afspiegeling en schadelijke mix van herriemakers, vechtersbazen en bangerds - maakt hun opwachting op het hondenveld. Wat had een eigenaar zich dan bedacht bij dubieuze namen als: Tyson (bokser die in oren hapt), Bruce (karate), de bloedfanatieke Xabi (aanvaller) en Laban (naar het bange spookje; ik kende ‘m ook niet).

De bezitster van de eenkennige Border Collie Messi houdt de hond strak bij de kraag vast als ze Skip ziet. Aan zijn lichaamstaal zie ik dat het een rechtschapen Border Collie is. ‘Laat maar gaan’, is mijn suggestie op voorhand. ‘Dat waag ik te betwijfelen’, spreekt ze me tegen. ‘Doe maar, gaat goed’, betwist ik.

Ik doe een stapje opzij en draai een kwartslag van de hond af zodat de reu vrije doorgang heeft en zich onbedreigd voelt. Skip zwaait af. De hond taxeert de concurrentie. Eerst komt hij op mij af. ‘Jij wilt vast liever geknuffeld worden dan ruzie gaan maken?’ laat ik vrolijk tussen neus en lippen los. Ik buig niet voorover, maar blijf rechtop in een zogenaamd ongeïnteresseerde houding. De gehersenspoelde goeierd kijkt ontwapenend naar me op en besluit alle weerstand te laten varen. Hij duwt zich tegen me op, gooit zich op zijn rug zodat ik zijn aangeboden buik kan kroelen.

Daarna wordt Skip besnuffeld. Een aarzelende spelboog. De bezitster staart met open mond verbaasd naar haar hond: ‘Wat een verademing, dat ik niet bozig hoef te sjorren en trekken. Is dit mijn hond?’ ‘Met jouw hond is niets mis. ‘Simpelweg voorafgaand letten op de signalen die de honden uitzenden’, durf ik desgevraagd in te brengen,het ligt onder andere aan de gemoedstoestand, combinatie hond-hond en aan de (re)actie van de eigenaar.’ Ik houd het bewust summier. ‘Er zijn maar weinig honden die echt een antipathie tegen een bepaalde soort hebben.’ ‘Wie weet zoiets nou en … hoe zie je dat en hoe onthoudt iemand dat allemaal? Da’s veel te ingewikkeld’, uit ze haar opvatting.

Een nieuwe soortgenoot maakt zijn opwachting. De vrouw maakt zich op voor de volgende confrontatie. Ze grijpt de hond bij de kraag. Die schrikt en weet al hoe laat het is. Beiden zetten zich onvermijdbaar schrap voor de aanval, klaar om de vijand te fileren. Het is vragen om moeilijkheden. Het liefst zou je zulke mensen met hun toet in een deugdelijk boek over honden- en bazengedrag willen duwen.

uit de dikke pil: Skipkluifjes

zondag 25 september 2022

ZONDER HOND

 wandelvriend

Op de dijk zie ik, behalve op zondag, een degelijk geklede middenveertiger een stug voor zich uitkijkende tienerjongen op zijn gazelle escorteren. De druk pratende man (wat hun relatie is, is mij onbekend) heeft de jongen tijdens het fietsen altijd in de nekgreep vast, terwijl de jongen oud genoeg is om zelfstandig te karren. Telkens bekruipt me hierbij een naar gevoel; iets klopt hier niet. Een afgezwakt gevoel hiervan bevangt me bij mannen die zich zonder hond, of visgerei, of verrekijker (dit is twijfelgeval: vogelspotter of gluurder) in de bosjes ophouden. Mannen zonder hond die ogenschijnlijk zomaar wat rondlummelen in de natuur zijn per definitie verdacht. Volkomen onterecht uiteraard.

Lente: de natuur kleedt zich aan, exhibitionisten doen wat uit. Waarschijnlijk komt het door de buurtstreaker, en de man zonder hond die een excuushond leent bij de buren om in het voorjaar een naakte zonnegroet in het bos te brengen, dat ik zo mijn twijfels heb. Vanmorgen zie ik eerstgenoemden afstappen. De man, zijn arm stevig om het middel van de jongen, begeeft zich samen met hem tussen de wilgen richting de rivier.

Ik herinner me wandelvriend Joop. Hij zocht als opa met kleinzoon in het bos naar plantaardig materiaal voor een kijkdoos. Door een (over)waakzame wandelaar werd hij aangezien voor een potentiële 'vieze man'. Het werd een geforceerd gesprek over kindermisbruik. Er is geen aanleiding om de man en de jongen achterna te gaan. Skip lost het voor me op door ladida langs de rivier richting de twee te kuieren. Ik moet eraan voorbij. De twee schampen weliswaar zittend op een steen, maar van intimiteit is geen sprake. De man mompelt tegen de strak voor zich uit starende jongen. (On)schuldig samenzijn van vader en zoon? Ik dacht aan Joop en hield mijn lippen stijf op elkaar.

uit de dikke pil: Skipkluifjes

VALSSPELEN

 foetelen

Een niet nader te noemen persoon infiltreert in een hecht wandelkliekje. Voor haar eigen hond rolt ze kluitjes over de grond. De meute ziet dat het leuk is en al snel vliegen er meerdere tegelijk door de lucht en rennen er zeven honden blaffend in het rond. Het voordeel van kluitjes rollen in gezelschap is dat er geen ruzie ontstaat zoals bij een opgeworpen balletje, omdat de kluitjes op de bodem uiteenspatten. De vrouw loopt de tegenovergestelde richting uit en alle honden volgen haar omdat zij op dat moment leuker is dan hun onoplettende baasjes die tijdens een gezellige coterie kletspraatjes verkopen. Met ietwat sardonisch genoegen verkneukelt ze zich. 

De hondeneigenaren vinden haar een gemene stoorzender en slingeren verwensingen naar haar hoofd. Nogal wiedes dat hun honden niet gehoorzamen als zij een spelletje met hen speelt. In plaats van herhaaldelijk alsmaar bozer wordend hiergeroep tegen ieders hond, hadden ze haar kunnen aflossen en zelf een balletje of kluitje kunnen opgooien. Dat was immers het vooropgezet doel. Een beetje valsspelen om hen erop attent maken dat ze tijdens het uitlaten weinig contact houden/aandacht schenken aan de hond. Niemand was er ontvankelijk voor.

De hoogste tijd om zelf te gaan foetelen. De wilde konijnen ga ik de schuld geven van Skips jachtinstinct. Als hij voor de zoveelste keren het excuus gebruikt dat hij mijn gefluit niet hoort omdat zijn oren zich in een ondergronds konijnenhol bevinden, zijn de konijnen in overtreding en niet ik of Skip.

uit de dikke pil: Skipkluifjes

BOERKA

 

Een zonovergoten paaszondag. Een ongeremde explosie van geel katjesstuifmeel. Ik adem vertraging in. Ondanks slikken, spuiten en snuiven sloeg de hooikoortsaanval in alle hevigheid toe. Een tentdoek om je onder te verbergen, pollenfilter, eenpersoonsklamboe en religieuze uiting: vier voor de prijs van één. Ik ben nooit voor de hoofddoek XXXL geweest, maar ik moest eraan geloven. Het boerkaverbod werd genegeerd, want Skip moet er toch uit. Over de tralies naai ik een lapje horrengaas. Geen gezicht natuurlijk. Een haas (elke jaar zien we de eerste met Pasen) schrok er zo van dat hij er als de paashaas vandoor ging. Thuis leg ik het gewaad in kluifjesoranje af. Skips vacht wordt geborsteld en gezogen. Hij mag er straks met de baas weer uit. Ik blijf verplicht vrijwillig binnen achter gesloten ramen en deuren.

uit de dikke pil: Skipkluifjes

vrijdag 23 september 2022

TERUG NAAR DE BASIS

 eftelingexperience

Voor je negentiende heb je al de meest exotische uithoeken op aarde bezocht, heb je geëxperimenteerd met drank, drugs, je eigen en de andere sekse, en injecteerde iemand minimaal één tatoeage in je vel. Als je alles al gedaan hebt, een heel leven in de eerste twee decennia van je bestaan gepropt, dan rest alleen nog de eenvoud: terug naar de basis. In de praktijk betekent dat terug naar de natuur. Gratis en voor niks vermaak. Slapen onder de blote sterrenhemel, schilferen (zo vaak mogelijk kiezels ketsen over het wateroppervlak over een zo lang mogelijke afstand), vissen, en fikkie stoken zijn van alle leeftijden.

Als ik de gladgeschoren jonge knullen in combattenue voor hun kampeertent aanspreek, blijken ze inderdaad allemaal te lijden aan de Eftelingexperience. Ze hebben zo’n overdosis aan leuke ervaringen achter de rug, dat ze in de knoop zitten met wat van de rest van hun tijd te doen. Ik begrijp het, maar vind het wel een luxeprobleem.

Skip maakt van mijn onoplettendheid gebruik om een achteloos achtergelaten Pools literblik met bruine-bonen-met-worstetiket, met de grootste zorgvuldigheid uit te likken. Het blik dat niet met een blikopener geopend is, maar met een gekarteld survivalmes wordt ingevorderd. Ik breng het naar de tentjongens die keurig een vuilniszak bij zich hebben. ‘Dat is het verschil van opvoeding’, licht de aardige zwetsende woordvoerder van het stel ongevraagd toe. ‘Wij ruimen netjes op en doen zelfs thuis (we wonen in de buurt) onze behoefte. Die ladderzatte Poolse arbeiders van gisteren lieten alles voor vuil achter. Dat conservenblik hebben we over het hoofd gezien. Een van onze jongens (hij wijst een van de kwiekste aan) kwam na een nachtelijk toiletbezoek niet terug. Dat watje crashte op de bank en pitte thuis.’ ‘Gelijk heeft-ie,’ flapt zijn maat met de handen diep in de broekzakken eruit, ‘het was fokking koud hier.’

uit de dikke pil: Skipkluifjes

donderdag 22 september 2022

LIJKLUCHT

 hondenpoot,

Een etmaal na de bevervondst, ruikt Skip weer lijklucht. Hij leidt me naar een horizontaal gestrekt ruw behaard zwart achterlijf waar de ruggengraat als een steel insteekt. Het komt overeen met een hondenhelft. De lange poten passen niet bij een bever of das. Een horrorlocatie. Skip houdt wijselijk afstand. Ik vind het luguber worden.

Een weiland verder causeren de bazinnetjes van Drentse Patrijshond Moos en Duitse Staande Langhaar Snuf. Moos komt uitdagend aanzetten met een stok in de bek. Hij gromt naar Skip. Protectionistisch gedrag kennen we niet van Moos. Gewoonlijk kruisen ze elkaar om te neuzen en een koekje te scoren. Hoogst merkwaardig.

We rakelen de vondsten op. De beide dames horen het met afschuw aan. Moos’ vrouwtje vindt het al gruwelijk als een blije Moos een opgeduikelde beduimelde vogelvleugel meetroont. We kijken naar Moos die krampachtig met de stok op afstand blijft als hij geroepen wordt. ‘Is die stok nou harig?’ De zongebruinde eigenaresse verbleekt bij het idee alleen al.

Het is inderdaad een verkleurde voorpoot, middelbruin van kleur, met voetzooltjes en nagels als van een hond. Zeker weten doen we het niet. Uiteindelijk heeft een veel stoerdere hondeneigenaresse dan wij de onwelriekende poot van Moos afgepakt en terug de Maas ingegooid. Rest de vraag: waarom duiken er ineens horden lichaamsdelen op langs de waterkant?

Naschrift: Er worden best veel honden vermist, lees ik op internet waar ik informatie probeer te vergaren. Onwetendheid is ondraaglijk voor een eigenaar die wanhopig op zoek is naar zijn verdwenen huisdier. De gevonden lichaamsdelen zijn stroomopwaarts in Limburg aangespoeld. Hoe lang ze in het water hebben gelegen is voor een gewone sterveling niet te schatten. Het is ondoenlijk om te achterhalen wat eraan vooraf is gegaan. Het zou zelfs om dieren uit België of Frankrijk kunnen gaan.

uit de dikke pil: Skipkluifjes

BEVERSHOT

 beverdag

Het is internationale Beverdag. Over de hele wereld worden de dammenbouwertjes met het koddige koppie dan geëerd. Skip en ik ontmoetten deze morgen onze eerste bever. We komen trouwens de laatste tijd opvallend vaak wilde dieren tegen die je niet in stedelijk gebied zou verwachten, maar dat terzijde. Genieten! Windkracht 7. Door de snijdende kou vriezen mijn handen bijna aan de camera vast. De vistrap verderop is regelmatig verstopt door een stapel afgeknaagde stammetjes, het werk van bezige beverbeestjes die we nooit zagen. Tot vandaag dus. In een overloopgebied van de Maas beitelt een plompe bever aan een wilgenstammetje. Dat shot wil ik per se hebben. Skip wacht boven op de dijk. Het radde knaagdiertje met de zwemvliezen tussen zijn tenen is me helaas te rap af. Voordat ik de camera ingesteld heb, is het stammetje al geveld en is de bever in het water verdwenen. Skip mag speuren naar achtergebleven sporen castoreum of bevergeil*. Hij heeft er zin in.

*Castoreum, het uitscheidingsproduct van bevers kreeg een absurde naam. Heel wat bevers hebben vanwege de naam bevergeil het loodje moet leggen. Bevers hebben een klier tussen de anus en geslachtsorganen waarin een donkerbruine harsachtige substantie met een kenmerkende dierlijke zoete geur en een bittere sterke smaak (vergelijkbaar met muskus) wordt gevormd. Dit goedje gebruiken ze voor het invetten van hun vacht. Castoreum werd vroeger veel gebruikt in parfums, vanwege de hoge prijs is dit tegenwoordig ongebruikelijk. Castoreum wordt wel nog in alternatieve medicijnen gebruikt om zijn vermeende eigenschappen als afrodisiacum. In castoreum zit ook salicylzuur, een onderdeel van aspirine, dat de bever binnenkrijgt door de consumptie van wilgenschors. 

uit de dikke pil: Skipkluifjes

STOFFELIJK OVERSCHOT

 blonde bever

Aan de rand van de rivier bedwelmt jong wilgenhout. Skip ruikt meer. Druistig rammelt hij over grijze keien, ik ijl achter hem aan. Vóór de in onbruik geraakte betonnen rioolontsluiting zie ik natte beige pieken onder een knoestige wilg. Het is geen prettige aanblik. Een opgezwollen lijkje van naar schatting 25 kg (ik vergelijk de romp met die van een poolhond), gehavende schouder en een afgeschaafd dijbeen, geen kop, geen staart. Het dier, wat ik door de lichte kleur en de herkenbare voetzolen toch voor een hond houd, is flink verminkt. Wat er dan door je hoofd gaat, is veelal erger dan de werkelijkheid.

Het Dierenambulancenummer in mijn mobiel blijkt gedateerd. Thuis bel ik met de dierenartsenpraktijk, omdat ik toch twijfel. 'Blonde bevers?' 'Ja, we bewonderen regelmatig beverbouwsels bij de vistrappen en de visvijver,' antwoord ik, 'maar mij is enkel de bruine bever bekend.' De assistente verschaft me het telefoonnummer van het Dierenmeldpunt, waar ik de vondst uitleg. De regionale Dierenambulance neemt contact met me op. Een aardige vrouwenstem vraagt de exacte locatie. Na een half uur krijg ik weer een belletje. Het is toch een, vermoedelijk verdronken (en daarna door een schroef van een bootje onthoofde) Castor fiber. Geïnundeerd land wordt de bever wel vaker catastrofaal. Het stoffelijk overschot wordt geruimd. Dierenambulance bedankt, ook voor de attente terugkoppeling van de afloop!

uit de dikke pil: Skipkluifjes

WILDE GANZEN

 wilde ganzen

Ik tel 75 ganzen bij de baai waar Skip wil pootje baden. De baas laat welgevallig een oogje op ze vallen. ‘Ga een gans halen, ik heb best zin in een ganzenbout,’ gebiedt de baas Skip, ‘is weer eens wat anders dan een biefstukje.’ Skip gelooft zijn oren niet: een grapje zeker. Heeft de baas niet gezien dat daar VIJFENZEVENTIG grasplukkers op het water drijven. Vrouwtje heeft ze hardop geteld. Weet de baas wel wat één ganzerik in zijn mars heeft? En dan 75 tegen één? Da’s pure zelfmoord!

uit de dikke pil: Skipkluifjes

VERSGEMAK

 koeien voeren

Een aanhoudend zonnetje. Een dambord van akkers en hooiland. Kribbige koeien achter stekeldraad. Ze worden getergd door een vleet vliegen. Ze wiegen hun lichaam, slaan met hun staart, schudden hun kop. Huidrillingen als een paard. Een Roodbonte knort hardop. Nooit heb ik een koe horen knorren.

Ik verwen ze met een bussel vers gemaaid raaigras. Ze vliegen eropaf. Skip maakt gebruik van de pauze en hijgt in de schaduw. In het buurland rennen hun wilde nichtjes naar het klaphekje. Halfwas Galloways willen eveneens het versgemak proeven. Ik doe wat op de borden staat: afstand houden en negeren. Een klaterende zeikstraal: ze voelen zich buitengesloten. Daarom en omdat de vliegen ook Skips vochtige knikkers hebben ontdekt, wandelen we bij het vee en de vliegen vandaan.

hooi en gras

uit de dikke pil: Skipkluifjes

dinsdag 20 september 2022

KORT LONTJE

 fluitenkruid

Skip en ik banen ons een weg dwars over de dijk. Waar vroegen het fluitenkruid de berm overheerste, domineren actueel de distels. Enkele jaren terug promootte het damesblad Libelle wildplukken. Het gevolg was dat het decoratieve Hollandsche Kant, massaal verdween in vazen bij de bloemensteelsters thuis.

Ook de margrieten in de wei zijn vervangen. Grazende schaapskuddes brachten in plaats van diversiteit brandnetels. Eén bosje houdt dapper stand. De wijkbewoners en wandelaars koesteren de overlevers. Zelfs de honden pissen er niet tegenaan. 

Een spichtig ding zet haar roestige ros waaraan weerskanten volgeladen wegwerptasjes van discounters hangen, op de staander. Ze rooft de schamele zeven stuks. ‘Hé’, roep ik gekscherend maar wel gemeend, ‘daar genieten we allemaal van.’ In plaats van dat zij mij frappeert met een glimlach, een grappig weerwoord, of misschien wel een rode pieper, krijg ik een scheldkanonnade naar mijn hoofd geslingerd. Je mag ook niks!

uit de dikke pil: Skipkluifjes

VENLOOP

 venloop

Vanwege het jaarlijks terugkerende (hard)loopevenement is onze wijk hermetisch afgesloten. Dat betekent: geen autoritje naar Skips favoriete bos. Ik besluit ’s middags een pitstop te maken in het naburig parkje, dan kunnen we vroeg in de avond alsnog naar het bos. Skip slaat het parkje over en trekt me naar de Maasoever. Ben ik verrast? Nee. Eenmaal daar start hij met het omploegen van een oude molshoop. Het is mooi weer, er is veel volk op de been, dus ik amuseer me al wachtende. Als hij klaar is, wil hij meer, verder. Oké Skip, als je belooft om een beetje door te lopen, dan doen we dat. Na honderd meter duikt Skip opnieuw in een molshoop. Met een slappe doorzakhouding en een gezicht dat ‘oh nee hè, verraadt, geef ik aan dat ik daar, zoals gezegd, geen zin in heb. Skip reageert onmiddellijk gepikeerd: ik loop al door, hoor. Dat had ik nog nooit meegemaakt! 'Nou, nou,’ reageer ik giechelig, 'zo had ik het niet bedoeld, hoor. Maar wel fijn dat we vooruit kunnen, jongen.'

uit de dikke pil: Skipkluifjes

WATERAFVOER

 

We wijken uit naar een ander strandje verderop. Als Skip terugkeert van een duikvlucht, waarschuwen de baasjes van Witte Herder Katja mij, dat de waterkwaliteit van de Maas te wensen overlaat. Het was op de radio. Te laat. Skip heeft sloten water gedronken. Dat wordt flink doorspoelen. Bij de inham zuigt een ronkende tractor voorzien van zinken silo, met zijn lange slurf gulzig Skips zwembad leeg. Skip kijkt mij verwonderd aan: euh, en bij die grote olifant kan het geen kwaad?


uit de dikke pil: Skipkluifjes

HERENCLUB

 herenclub

Het is even na enen als we in het nabij gelegen kerkdorp in een weiland het herenclubje ontmoeten. Elke dag wandelen ze rond dezelfde tijd samen met hun honden, die vanzelfsprekend alle zeven van het mannelijk geslacht zijn. Een vast groepje wijze mannen die, gezellig keuvelend, de nieuwtjes van die dag doorneemt, terwijl de honden samen snuffelen. Iedere uitlaatplek kent wel zo’n clubje. Uitlaten betekent naast hondenpret sociaal contact voor de eigenaars. Terwijl de mannen verder slenteren, blijven de honden trouw bij start wachten. De meute schijnt incompleet. Gehaast komt er nog een baasje met een bejaard hondje aan drentelen. Ik treuzel en twijfel of ik zal aansluiten. Maar de honden hebben ons al gespot en komen kennismaken. Ik sta met mijn handen in mijn jaszakken. In hondentaal betekent dat: koekjes! De lekkerbekken stromen mijn kant op. De rest holt door naar Skip. Staarten gaan in de lucht, nekharen gaan omhoog en de pikorde wordt bepaald. Voor de groep honden is een nieuwkomer altijd spannend - omdat ze al zolang een roedel vormen, gebeurt er weinig spectaculairs binnen de eigen groep. Skip maakt meteen vrienden voor het leven.

uit de dikke pil: Skipkluifjes

maandag 19 september 2022

TEMPERATUREN

temperaturen

Na het debacle van gisteren zet Skip vandaag langzame stapjes in het water, in plaats van er met zijn volle gewicht in te springen. Omzichtig temperatuurt hij het water met zijn onderbuik. Zo gaat het goed. Hij is dorstig van alle geren (en smakelijke beloninkjes) en drinkt veel, heel veel. Uit het water, sprint hij het weiland en hurkt. De waterkoude plens in zijn buik zorgt ervoor dat hij acuut een extra drolletje draait. Zo wordt er plaats gemaakt voor nieuwe koekjes.

uit de dikke pil: Skipkluifjes

ELFSTEDENTOCHT

 toendra

In Friesland heerste kortstondig elfstedenkoorts. Skip wist allang dat het neet aon ging. Hier kwaakten de eenden luidruchtig. Of kwam dat doordat Skip ze blaffend van de voederplek verjaagde? Plus het aantal slachtoffertjes dat evident is aan even zoveel molshopen die afgelopen week als paddenstoelen uit de grond schoten, geeft dooi aan volgens boeren die alles van de natuur weten. Volgende keer simpelweg Skip polsen.

uit de dikke pil: Skipkluifjes

DORSTLESSER

tong aan ijs vast

Onderweg had Skip dorst. Het beetje beschikbare water zat onder een laagje ijs verstopt. Hij streek met zijn tong over het ijs. Dat koelde zijn tong af, maar leste zijn dorst niet. Hij krabde en stampte flink met zijn poten op het dunste plekje. In de barstjes die ontstonden, sijpelde door de druk water dat hij oplikte. De losse ijsklontjes at hij op. Best lekker eigenlijk. Een ware ijsbreker, die snuggere Skip.

uit de dikke pil: Skipkluifjes

KLUNEN

klunen,gletsjer bedwingen

Skip probeert een miniatuur gletsjer op de Maasoever te bedwingen. Zijn achterpoten slippen, terwijl hij met zijn voorpoten omhoog krabbelt. Het lukt hem wonderwel. Hij besnuffelt het hem onbekende fenomeen langdurig en produceert van tijd tot tijd een Catweazle-achtige nies: raarrr. Van mij mag hij nooit op natuurijs. Veel te gevaarlijk omdat het ijs ineens onbetrouwbaar kan zijn en hij onder water kan geraken.

uit de dikke pil: Skipkluifjes

zondag 18 september 2022

SUPERMAN

 

Is it a bird, is it a plane? No… it’s Superman! De Nederlandse variant was vroeger een flauw kindermopje: Jantje rekende zich rijk op het moment dat hij vanaf de bovenste etage een rijksdaalder zag liggen. Naarmate hij verder afdaalde werd de munt een gulden, een kwartje… en bleek uiteindelijk op de stoep een duppie. Ik moest er plots aan denken toen Skip behoedzaam en met bevende poten een onbekende kolos op ons pad benaderde. Is het een gestrande walvis, een dood rund? Nee … het is een verdwaald kerstboompje. Om geen gezichtsverlies te lijden, urineerde hij er met een hoge straal tegenaan, schudde zijn vacht uit, schraapte zijn nagels in de grond en liep zonder omkijken door waarmee hij liet blijken: volslagen oninteressant.

uit de dikke pil: Skipkluifjes

DOMME BLONDJES

 domme blondjes

Een premature lente anekdote. Zonder na te denken gooit de baas een baksteen die ongelukkig op het wandelpad ligt, in het water. Doldrieste Skip duikt er onmiddellijk overmoedig achteraan. Plons, kramp, au. Het water is nog lang niet op zwemtemperatuur en daar zijn Skips spieren onvoldoende op berekend. Hij krijgt een pijnlijke kramp in beide voorpoten. Jammerend hinkt hij het kiezelstrand op. Aujoe. De baas knijpt en wrijft de zielige pootjes droog en warm. Skip is weer snel op de been. Tja, sommige dingen zijn moeilijk af te leren.


uit de dikke pil: Skipkluifjes

zaterdag 17 september 2022

LOZEN

achtervolging 

Op de dijk wordt Skip opgejaagd door een adolescente heidewachtel. Skip probeert hem te lozen door richting mij te rennen. Hij mist me net achter de katjeswilg die al volop bloeit en neemt aan dat ik doorgelopen ben. De heidewachtel ziet Skips wanhopige actie als een welkom spelletje en zet de achtervolging. Uiteindelijk zijn ze slechts twee kleine stipjes aan de horizon. Daar komt Skip pas tot de conclusie dat ik nog nooit zover had kunnen zijn, draait zich om en snelt het hele eind terug naar waar hij mij voor het laatst gezien had, de heidewachtel in zijn kielzog. Helemaal bekaf verschuilt hij zich achter mijn benen. Op hetzelfde moment fluit de eigenaar van de heidewachtel die direct richting zijn baas vertrekt. Skip grijst: zo die heeft híj handig geloosd!

uit de dikke pil: Skipkluifjes

vrijdag 16 september 2022

VERJAREN

 

De rebellen waren met z'n drieën. Eentje is er nog over. Ze verjaart vandaag, maar is nog lang niet over de datum. Gefeliciteerd lieve Byker!

HOMMELES

 hommel

Krap maart en de eerste hommel meldt zich al. Zij danst boven de gravende Skip. Het is een gezellige schommel van een hommel, daarom gok ik op een wijfje. Het zijn juist de vrouwelijke hommels die een angel hebben waarmee ze kunnen steken. Vorig jaar hadden Skip en ik een pijnlijke aanvaring met een wespennest dat hij per ongeluk verstoorde. Gevolg: Skip werd in zijn lip gestoken en ik in de muis van mijn hand. Voordat het deze keer hommeles is, heeft Skip zich al een stuk verderop verschanst.

uit de dikke pil: Skipkluifjes

MAG 'T?

bouviertjes

Van de geboorte van eentje waren we getuige. Intussen zijn er vier Galloway kalfjes geboren van vier verschillende moeders. Houterig stappen ze in de wei. De kleintjes lijken net Bouviertjes. Bouviers die Skip wat graag zou terugbrengen naar hun moeder of als groepje zou willen stellen. Als Skip graag iets wil, dan gaat hij mooi zitten, kijkt me, hoofd over zijn schouder, lief en verleidelijk vragend aan: aaah, mag ‘t? Het is best moeilijk om hem te weerstaan. Maar naar de koetjes gaan, is geen optie. Jammer Skip: ‘t mag niet. 

Zwanger

Het moet maar eens afgelopen zijn met de kou. Zelfs de hoogzwangere Galloway trekt het niet meer. Ze verschuilt zich in de verdroogde bramenstruiken. Hoe lang kan zij haar kalf nog in de warme hongerige buik houden? Skip was er vast van overtuigd dat de bevalling had plaatsgevonden. Hij zag twee Rottweiler teven aan voor kalfjes en wilde ze subiet richting moeders drijven. Die reageerden nogal laconiek op de persoonsverwisseling. Hun vrouwtje vond het wel grappig. Skip maakte daarop een pracht sliding om zijn gezicht te redden.

uit de dikke pil: Skipkluifjes

VLAGGETJESDAG

 tonnetje haring

Nee, Skip heeft niet het eerste tonnetje haring binnengebracht. Wel heeft hij zich in de eerste aan de haak geslagen brasem - door achteloze vissers op de oever gekwakt - van dit jaar gerold. Het kostte hem weinig moeite zijn bovenlijf in te wrijven. Hij verspreidt een lekker visluchtje, maar niet heus. Andere honden vinden hem reuze gewichtig en dat was net de bedoeling. Een zeer geïnteresseerde opdringerige Labrador plast zelfs over hem heen. Met stukjes schub in zijn vacht en een gelige bogende markering op zijn kop wandelen we naar huis. De auto laten we staan. Die halen we vanmiddag wel op. Eerst thuis alle geurvlaggetjes wegboenen.

uit de dikke pil: Skipkluifjes

woensdag 14 september 2022

SLOW MOTION

 vikingtijd

We zijn vroeg op pad. Skip beweegt traag. Zou hij nog niet goed wakker wezen? Door de laaghangende bewolking en een temperatuur van ongeveer 19° voelt het onverwacht klam en benauwd aan. Na een kwartiertje trek ik mijn jas uit. Dat is voor het eerst dit jaar. Nou snap ik waarom de hond met hijgende tong in slow motion stapt. Hij kan zijn dikke winterjas níet uitdoen. Ik laat hem afkoelen in de rivier die op dit moment vrij hoog staat. Dat helpt eventjes. Na een paar honderd meter geeft hij het op en valt gewoon in de schoot van moeder aarde in slaap. Na een dutje van pakweg 10 minuten hijs ik ‘m omhoog en sukkelen we het laatste eindje naar huis.

uit de dikke pil: Skipkluifjes

SLOFSPOOR

 wolf in de sneeuw

Buiten ziet het er maar weer eens uit als een karakteristieke kerstkaart. Skip laat kwieke voetstapjes achter in de sneeuw. Een harde vrieswind die uit het noorden komt aanjakkeren, blaast sneeuw voor zich uit. Mazzel voor Skip, want dan mag hij langs de wallen scharrelen; (brom)fietsers wagen zich met deze weersgesteldheid niet op de hooggelegen dijk. Als een lone wolf struint Skip door het ruige sneeuwlandschap. Broedse kraaien trotseren de sneeuwstorm en vliegen met takjes af en aan. Skip klautert over boomstronken, glijdt uit over glibberige keien, volgt konijnensporen op struinpaadjes en jaagt twee bedelende nijlgansen bij de inham weg. Kale bramentakken vegen telkens bruut de sneeuwlaag van zijn rug. Een magnifiek zwart-wit plaatje. Na een uurtje klaart het vanuit het niets op. Besneeuwde katjeswilgen in schril contrast met een stralend voorjaarszonnetje aan een strakblauwe lucht. In de smeltende sneeuwlaag zie ik aan het slofspoor dat Skips voeten achterlaten, dat hij moe is. Moe, maar voldaan.

uit de dikke pil: Skipkluifjes

GRIEP

 

Een lagedrukfront trekt over het zuiden. Een stevige zuidoosten wind zorgt ervoor dat het bitterkoud aanvoelt. We wandelen over de kale dijk. Het zweet staat op mijn voorhoofd. De uiterwaarden waar Skip naar toe wil om te struinen, staan nog onder water. Op een achteraf stukje fietsdijk mag hij los. Na het afhandelen van de gebruikelijke hondse zaken, gesp ik hem op het gedeelte waar de dijk de drukbereden ringweg ontmoet, vast. Het komt hoogstzelden voor, maar vandaag kort ik vanwege de bibberitus de route drastisch in. Skip heeft zijn baasjes de hele nacht horen hoesten en zuchten en begrijpt dat het griepvirus hen te pakken heeft. Hartstikke lief van ‘m dat hij voor een keertje genoegen neemt met minder.

uit de dikke pil: Skipkluifjes

JACHTSNEEUW

 

De weg ernaar toe is glibberig en spiegelglad. Bevroren sneeuw wordt in het losloopgebied knarsend tot ijs samengeperst onder onze voeten. We hink-stap-springen om niet op met zout bestrooide onderlaag te lopen. De deken van fijne draadjes bevroren sneeuw die over de wei gespreid ligt, ziet van dichtbij uit als wollig wit mos met flinterdunne stukjes gebroken glas erin die glinsteren in de volle zon. Skip krijgt een pulverende lawine als hij tegen de kale bessenstruiken aanstoot en wordt overladen met surrogaat poedersuiker. Ik duw mijn schoen onder de sneeuw en schep stuifsneeuw van links naar rechts. Een verkeerd spelletje, want Skip gaat er sneeuw door eten. Hij is snel afgeleid door de sporen van konijnen, hazen, ganzen, en ander klein grut die we vandaag wel zien. Het geurspoor dat de hond volgt is zichtbaar, boeiend. Ik woel met mijn rechtervoet onder een 25 cm dikke sneeuwlaag sneeuw. Proppen sneeuw komen omhoog. Skip laat zich beetnemen en springt de muizensprong. Prijs, hij hapt in mijn schoen, ik ben beetgenomen. Verderop zit een kluwen grote honden achter elkaar aan als een soort tikkertje. Ze krijgen geen genoeg van de sneeuwpret. Net als Skip. Toch gaan we naar huis vanwege koude voeten en kwetsbare voetzooltjes.



uit de dikke pil: Skipkluifjes

SNOW PATROL

 snowpatrol

Langslaper Skip is al vroeg beneden. Verlekkerd kijkt hij door het venster naar de vallende sneeuwvlokken - ik had gehoopt op eens een keer een kwakkelwinter. Zodra we de deur uitstappen, verkeren we in de wondere witte wereld. Door het nog onbezoedelde wit is de driedimensionaliteit weg: stoepranden zijn onzichtbaar, evenals ondergesneeuwde natte poelen en kuilen. Ben ik sneeuwblind? Skip sliddert dolletjes in een dik pak sneeuw. Op de mistige brug een verkeersinfarct. In het weiland eronder torenen verse molshopen boven de koude aarde uit; het enige teken van dierlijk leven. Skip neemt poolshoogte en zet eerste afdrukjes in de sneeuw. Mijn loodzware boots met tractorzolen laten een diepe groef na. De vlokken gaan over in stuifsneeuw. Ik schuif flink wat sneeuw bij elkaar (het plakt goed) en draai grote ballen. Van al dat gegooi en geren krijgen we het al gauw te warm. Skip schudt regelmatig zijn vacht. We kunnen net voor de strooiwagen de weg oversteken. Skip plast hoog tegen een afvalbak die op slag zijn originele groene kleur terugkrijgt: een baken voor latere wandelaars om zich te oriënteren.

uit de dikke pil: Skipkluifjes

SNUF DE HOND

  Skip en ik bakeren ons in de zon. Hij volgt de vogels, ik lees in een magazine over: liefde   seks senior': een documentaire van Menna...