zaterdag 27 augustus 2022

BADDEREN

 hond in de douche

Van zijn vorige eigenaars wisten we dat Skip geen voorstander is van een wasbeurt. Dat de na afloop onvermijdelijke natte, klamme vacht onprettig aanvoelt, daar kan ik me best een voorstelling van maken. Het wassen op zich zou een weldadige beleving moeten zijn. Vaak ontstaat een hekel aan badderen door de manier waarop de hond benaderd wordt.

Om die reden heb ik met Skip een goed voorgesprek gevoerd. Ik heb hem verteld dat de halfjaarlijkse wasbeurt onontkoombaar is. Dat de straal op stand ‘broes’ wordt gezet en dat er geen water in zijn oren zal lekken. Dat hoe minder hij tegenstribbelt, hoe sneller het klusje geklaard is. En dat ik zeker weet dat hij het na verloop van tijd fijn gaat vinden. Skip begreep de strekking. Sindsdien is in bad gaan geen issue meer.

Tuurlijk probeert Skip er aanvankelijk onderuit te komen. Hij weet wanneer het staat te gebeuren. Zijn handdoeken worden klaargelegd, de hondenshampoo staat in de douche. Of is het de onwelriekende visgeur die aan hem kleeft? Ik doorbrak het vaste ritueel om hem te misleiden. Toch had hij een vaag vermoeden.

Ik lokte hem onder verkeerde voorwendsels naar boven toe, want als je zegt ‘je moet in bad’, dan duikt hij subiet weg. Een leugentje om bestwil mag, want hij weet dat ik nooit echt tegen hem zal liegen. Vol vertrouwen en met een vleugje gezonde achterdocht volgde hij me. Bovenaan het trapportaal sloop hij met een noodgang langs de badkamer richting de dichte slaapkamerdeur. Hier hadden we op gerekend. W. had onderhand de uitweg naar de trap versperd. Zo dreven we Skip in de richting waar we hem hebben wilden. Hij snapte dat het menens was en stapte vrijwillig en gelaten in de natte cel.

Voor het inzepen kon beginnen, werd hij nat gesprudelt. Even laten inwerken, uitspoelen en een tweede keer shamponeren met een conditioner voor een fluwelen vacht zonder klitten. Hij stribbelde niet tegen en draaide desgewenst in alle gevraagde posities, terwijl ik hem toefluisterde wat een mooie jongen hij straks zou zijn. Skip is, net als iedere hond, heel gevoelig voor complimenten.

Gedurende de tijd dat Skip in de week stond, nam ik foto’s. Dat vindt hij leuk en het leidt een beetje af. Gewoon een kiekje van Skip in het sop en eentje met een gedrapeerde handdoek als visuele bijlage voor deze anekdote. Geen alles onthullende schoongeboende-blozende-baby-in-de-tobbefoto zoals die van jezelf, die je uit schaamtegevoel achteraan in het familiealbum hebt verstopt.

Het grote genieten kon voor Skip beginnen. Het uitschudden van de vacht om zich van het ergste nat te ontdoen en het uitgelaten cirkeltjes van opluchting door de kamer maken. Daarna droog gemasseerd - kneden en masseren, NIET (tegen de haarrichting) wrijven - worden in ultrazachte, in de droger voorverwarmde badlakens.

Met de ogen dicht lag hij even later op bed waar hij zich helemaal overgaf. Ik kreeg duidelijke aanwijzingen waar nog afgedroogd moest worden. ‘Voorpootje omhoog’ wil zeggen: deze oksel is nog vochtig. De achterpoten wijdbeens betekent: vergeet vooral de binnenkant van mijn broek niet. Afhankelijk van het jaargetijde wordt de ondervacht wel of niet geföhnd.

En klaar was Skip. De salonbehandeling zat erop. Wat was mijn jochie weer beeldschoon, en wat rook hij heerlijk. Helaas was dat maar van korte duur. Een etmaal later trappelde Skip met veel genoegen in de blubber rond en keerde hij huiswaarts met vier homogene modderlaarsjes.


uit de dikke pil: Skipkluifjes

DE GROTE OVERSTEEK

 

vrij naar Asterix

Elke dåg zijn we benieuwd in welk åvøntuur Skippix nu weer belåndt. In het bijzijn van høndenvrienden hångt hij grååg de ønøverwinnelijke døgsen uit. Våndååg begeven we øns in dit ingewikkelde døch øngecømpliceerde verhåål nåår een zønøvergøten wåterbuffer die dapper weerstånd prøbeert te bieden aan de Måås.

Vanwege de heftige regenval treedt de rivier regelmatig buiten haar oevers. Staan de uiterwaarden droog dan kun je er fijn wandelen. Kortstondig zijn ze veranderd in één grote modderige waterplas. Skippix is in een dolle bui. Ik besluit eerst achterlangs te slidderen waar het slijkerige pad een pier is. Dat is minder riskant omdat hij nergens heen kan.

Aan gene zijde van het ondergelopen gebied hoort hij onverwacht het geblaf van zijn allerbeste vriend Fiksen. Wråf! Wråf! Voor ik er erg in heb, ploegt hij door het drassige gebied. Zijn poten zakken diep in de bagger. Zonder aarzelen ploetert hij verder. Op mijn geroep om terug te keren, krijg ik geen respons. Langzaam verdwijnen zelfs zijn schouders in het ontstane natuurbad. Je ziet nog net zijn dappere kop vastberaden boven het water uitsteken. Lånd in zicht! Hij klautert aan wal en schudt de modder slechts gedeeltelijk van zich af. In hoog tempo snelt hij naar de Sjef van Fiksen. Die heeft de lekkerste en de meeste kjeks bij zich en daar is het Skippix uiteindelijk om te doen.

Vanaf de overkant roep ik hem terug. Pas als alle kjeks zijn verorberd, reageert hij en kijkt onbewogen mijn richting uit. Hij lijkt niet van plan om nog een keer de grote oversteek te maken. Ik roep in de verte naar de Sjef en vraag om Skippix dan maar af te leiden, zodat ik hem kan ophalen. Net als ik de bocht genomen heb, hoor ik geroep. Skippix komt me toch achterna. Hij is terug het water ingedoken. Alle gøden nog aan toe! Door het slijk heb ik intussen een modderbruine in plaats van een blonde døgsen. Ik had gewoon geduld en vertrouwen moeten hebben en wachten. Ik heb al eerder gemerkt dat ik op de plaats moet blijven staan waar hij verdwijnt, omdat hij daar terugkeert - hoewel dit soms wel even kan duren. GRRRØØÅÅRRR!

Skippix steekt voor de zoveelste keer over. Onder een intussen toegestroomde scanderende en enthousiast klappende menigte betreedt hij de oever. Zo werkt dat dus: niet goed luisteren en toch ingehaald worden als een held. De ønverschrøkken Skippix lååt zich niet åfleiden døør dit søørt zåken. Hij denkt niet nå øver zijn gøede en minder gøede gewøøntes. Weldra rent hij te midden vån zijn åndere høndenvriendjes een ererøndje. EINDE.

uit de dikke pil: Skipkluifjes

VAN DE REGEN IN DE DRUP

 noorse buhund

Van de regenworm in de drup

Het is broeierig warm en bepaald geen weer om je druk te maken. Bedrijvige Skip houdt niet van saai, zodoende vindt hij altijd wel iets om zich mee te amuseren. In de tuin blijkt hij vooral geïnteresseerd in het wel en wee van andere diersoorten. Hij laat al gauw zijn oog vallen op een uit de kluiten regenworm die eigenlijk andere plannen heeft vanmiddag. Wormen leven het liefst in het donker, maar bij aangenaam weer als de bodem de juiste temperatuur heeft, paren ze. Bovendien vinden ze hun meeste voedsel in de bovenlaag van de bodem. Dus wat het ook voor prettigs was dat de worm van plan was, door de tussenkomst van Skip werd dat verhinderd.

Vanuit liggende positie volgt Skip de verrichtingen. Uiteindelijk wint zijn nieuwsgierigheid het en hij stapt op de worm af. Hij likt er behoedzaam aan en wacht af. De gekietelde worm kronkelt van plezier. Skip vindt het een geestige reactie. Hij gebruikt zijn pootje om de worm aan te raken om te bekijken wat daar de respons op zal zijn. De worm wurmt. Dit is een onderhoudend spelletje dat bij uitstek geschikt is voor warm weer. Afleiding waar je desnoods bij blijft liggen. Voor mij is kijken naar deze interactie van worm en hond evenzo een welkome afleiding. Ik voel me door het plakkerige weer eveneens lodderig. Het onschuldige vermaak besluit ik vooralsnog toe te laten, omdat de worm zo te zien geen schade lijkt op te lopen. Het gaat zo een tijdje door. Skip amuseert zich opperbest. Op een gegeven moment verkiest de worm, die bekend staat als een verlegen soort, weer het ondergrondse en doet verwoede pogingen in de aarde te kruipen.

Daar steekt Skip gauw een stokje, eh pootje voor: hier gebleven jij. Dit spelletje is veel te leuk. De worm sputtert tegen door zich helemaal op te krullen. Skip legt beide voorpoten op de worm, zo kan hij hem weer in volle lengte observeren. Wat een glibberbeest, daar wil ik meer van weten, zie ik Skip denken. Voor ik er erg in heb, wordt de worm doormidden gekliefd tussen zijn stevige kaken. Er liggen twee afwindende wormen. Het zijn de laatste stuiptrekkingen. Hoewel er wormensoorten zijn die zich zo vermenigvuldigen, is dit bij de regenworm niet het geval. De twee helften worm liggen uiteindelijk doodstil. Skip kijkt me beteuterd aan.

De jonge brutale merels die het hele gebeuren vanuit hun risicoloze zitplaats in de sering naast het bij de afhaalchinees gekregen Boeddhabeeldje (een Boeddha krijg je, die koop je niet) hebben geobserveerd, veren hoopvol op: het langverwachte moeiteloos te verschalken vogelmaaltje. Volgens Skip is de worm zijn rechtmatige prooi. Hij eet hem met lange tanden op.

De matinee die begon als een luchtig schouwspel maar eindigde als drama, is voorbij. Plotseling en uit het niets, een wolkbreuk. Het begint hevig te regenen, terwijl vreemd genoeg de zon volop schijnt. De porseleinen Boeddha valt voorover in de vijver. Hebben we zijn toorn gewekt? Onder luid gedonder ren ik terug de tuin in en leg snel wat verse compost - een delicatesse voor wormen - op de onheilsplek neer als een soort offer voor de nabestaanden. Na een uurtje is de lucht opgeklaard en hemelsblauw. Een hele geruststelling. We zijn niet vervloekt.

uit de dikke pil: Skipkluifjes

vrijdag 26 augustus 2022

BAMBI

 goedmakertje,ree, goudhaartje,

Ging Skip voorheen in een slakkengangetje, met de koelte beweegt hij als vanouds actief. Hij vindt het heerlijk om tijdens het joggen door de modderplassen te soppen. Naast een diepe regenpoel treffen we verse hoefjessporen aan. Hier moet een dorstig ree zich kortelings te goed hebben gedaan aan fris regenwater. Dan zomaar midden op de dag staan we bij een tra, oog in oog met een ranke roodbruine dame (want zonder gewei). Een bijzondere ontmoeting op geringe afstand. Ik lispel tegen Skip dat hij geruisloos op zijn plek moet blijven. Pech, een krakend takje onder mijn voeten en met elegante sprongen kiest zij het hazenpad.

Pas dan heeft Skip de ree ontdekt. Met wijd opengesperde neusvleugels vangt hij de wildgeur op. Hij zet een sprintje in, maar komt niet verder dan vijf meter: de lengte van de rollijn. Als goedmakertje mag hij elke centimeter rondom de plek afsnuffelen, in de hoop dat hij achteraf zijn interesse verliest.

De daaropvolgende middag neemt hij linea recta de afslag naar de intussen opgedroogde drinkplaats. Opgewonden scharrelt hij in steeds hetzelfde cirkeltje rond. Hij is zo druk in de weer, dat hij niet opmerkt dat een paar nieuwsgierige Bambi ogen zijn verrichtingen vanachter het struikgewas volgen. Ze lijkt helemaal niet schichtig. Hoe groot is trouwens de kans om twee keer achter elkaar een ree te treffen? Volgens mij bewondert de ree mijn wolf. Niet om zijn snuffelkwaliteiten, wel om zijn blonde haren die door een speelse zonnestraal in goud veranderen. Ik vind haar tengere gestalte met de alerte grote schotels minstens zo aandoenlijk.

Een gelijkwaardige vriendschap tussen Goudhaartje en Bambi lijkt me onmogelijk. En wie weet hoever ze hem mee het bos in wil lokken. Vanaf morgen wijken we een poosje uit naar een alternatieve route. Dan laten we het bos links liggen en wandelen we over het weidse overzichtelijke veld waar de dopheide zienderogen purper kleurt.

uit de dikke pil: Skipkluifjes

HOLE IN ONE

putten,ballenjongen

Je hebt van die honden die wanneer je een tennisbal voor ze wegwerpt deze zonder te vragen terugbrengen en aan je voeten leggen. Het bijbehorende aanstoten met de poot of duwen met de neus tegen de bal om voor de zoveelste keer een balletje op te gooien, hoort er standaard bij. Mijn honden deden dit nooit. Schiet ik bij de instructies tekort of zijn onze honden gewoon eigenwijze spitsoren die daar het nut niet van inzien? Volgens mij vinden ze het een stupide game. Uit hun expressie meen ik op te maken: de baas serveert, als hond doe je moeite om de bal terug te brengen, waarop de baas hem vervolgens wéér wegkeilt. Give me a break. Eerlijkheidshalve moet ik toegeven dat ik wel ietwat scheef kijk naar zo’n baasje van wie de hond braaf ballen apporteert.

Nu schijnt golf qua populariteit het nieuwe tennis te zijn. Dit biedt perspectief, want Skip is duidelijk geen ballenjongen. Hij sluit zich helemaal aan bij de nieuwe trend en verruilt de court graag voor de green. Omdat hij uiteraard geen golfclub kan vasthouden, gaf hij hier een eigen interpretatie aan. Het zit namelijk zo. Wanneer Skip aan het jagen is, heeft hij liever niet dat er concurrenten in de weg lopen. Wandelen er dan gelijktijdig baasjes die voor hun hond een balletje opwerpen in zijn revier, dan moet Skip zich er wel tegenaan bemoeien. In de hoogste versnelling gaat hij achter de bal aan die niet voor hem bestemd is. In de regel wint Skip deze wedloop. De buitgemaakte bal wordt in rap tempo in een bunker verstopt. Ziezo, obstakel uit de weggeruimd, het spel is afgelopen, kan hij weer ongehinderd op de green achter de konijnen aan. Als een heuse caddie moet ik dan geregeld met de onfortuinlijke hond naarstig op zoek naar de kwijtgeraakte bal, die ergens onder een graspol verscholen ligt, zodat deze alsnog met de rechtmatige eigenaar mee naar huis.

Tot een desastreuze keer. Dit speelveld bestond uit ontelbare holes met diepe gangen en een complete konijnenburcht. Nu waren er drie mededingers: een Dobermann, een Dobervrouw, en Skip. Skip ving als eerste de bal en scoorde meteen. De bal werd geput in de konijnenburcht en verdween voorgoed in een meterslang ondergronds stelsel. Hole in one kraaide Skips snuit victorie. ‘Uw hond brengt de bal toch zeker wel terug?’ stamelden de baasjes benepen. Het bleek deze keer niet om een simpel te vervangen fluorescerende gele tennisbal te gaan, maar eentje van een duur merk waar de honden al vanaf pup mee speelden. Na excuses en met een rood hoofd en de priemende ogen van de alles behalve blij kijkende Doberbaasjes in onze rug kozen wij niet voor een Chip and Run, maar een Skip en … run!

Naschrift. Doordat hij telkens scoort is het afpakken van ballen nu al Skips meest geliefde vrijetijdsbesteding. Hij is er in de buurt reeds berucht om. Alle baasjes houden hun ballen vast tot SuperSkip uit het zicht is verdwenen!

uit de dikke pil: Skipkluifjes

donderdag 25 augustus 2022

HET IS BIJ DE KONIJNEN AF

 

Skip snort graag achter konijnen aan. Ondanks dat hij pijlsnel is, zijn ze hem steeds te vlug af. Konijnen hebben namelijk een uitgekiende strategie bedacht. Ze blijven dicht bij hun hol om hier in geval van nood meteen in te verdwijnen.

Op een zonovergoten middag waren we bij vrienden uitgenodigd voor een high tea. De rondhuppelende tamme konijnen werden voor hun veiligheid in het nachthok gezet en Skip dacht zijn kans schoon te zien: konijnen gevangen achter draad, daar moet toch eenvoudig aan te komen zijn. Hoe lang hij die middag gefascineerd op twee pootjes heeft staan kijken, hebben we niet getimed, maar hij moet gedacht hebben: de aanhouder wint.

Deze tamme Stampertjes zijn echter honden gewend en blijven er vrij stoïcijns onder. Om Skip te jennen, sprongen ze wat rond en aten hooi en bix. Vervolgens verdwenen ze in het binnenhok voor hun siësta. Skip snapte niet waar de wipstaartjes zich verborgen. Hij ging steeds het hoekje om, omdat hij dacht dat ze zich aan de achterkant van het hok schuilhielden. Daar was uiteraard alleen de houten achterwand te zien. Hij kreeg er letterlijk het heen en weer van.

Om Skip een beetje rust te gunnen, legde de eigenaresse van Nijntje en kompanen wat geroosterd brood in de ren. Weer in het zicht, plantte hij zijn elleboog vol ongeduld op de rand van het rooster. Eindelijk komt er schot in dacht Skip. De toast lag klaar om geserveerd te worden. Het beleg er nog bij en het grote smikkelen kon beginnen.

Gespannen volgde Skip de verrichtingen. Hela, zo was het plan niet! De konijnen aten het brood op, terwijl het toch duidelijk zijn bedoeling was dat het konijn óp brood ging? Het duurde hem allemaal veel te lang. Wanneer mocht hij toetasten? Opeens zagen we dat hij zijn voorpoot zover mogelijk tussen de tralies door probeerde te strekken. De doorbijter bleef net zo lang schuiven tot hij warempel beet had. Gretig hapte Skip in … een droge snee brood. Hola, waar is de verse vleeswaar? De triomfantelijke toet maakte plaats voor een sip snuitje. Voor al die gedane moeite had hij wis en waarachtig een dikbelegde sandwich verdiend. Het is bij de konijnen af!


uit de dikke pil: Skipkluifjes

I.M.

 merelnest, moedermerel, i.m.

Hemelsblauwe lucht, een vriendelijke zon en zomerse waarden. Het is voorjaar en wat voor een. De dieren voelen het net zo. De merels die normaal gesproken nog aan de leg zijn, voeden hun kroost al op. Elk jaar is het weer the same old song. Het ouderpaar is geen enkele moeite te veel om een nest te bouwen, de eieren uit te broeden en vervolgens af en aan te vliegen met wormen voor hun hongerige kroost. Als het tijd voor ze is om uit te vliegen, worden ze bruut door de ouders overboord gekieperd. Door de vrije val leren ze vliegen. Bij onze tuinmerels lukt dat hoogst zelden. De jonge merels vallen flatsch op de bodem waar ze zich wankelend staande proberen te houden. Bescherming zoekend onder de laurier kwetteren ze er lustig op los. Ze hebben steeds meer voedsel nodig. Het lijken wel zwarte minikipjes zoals ze soms dagenlang door de tuin hippen en in het zand badderen. Intussen liggen de likkebaardende buurtkatten al op de uitkijk en probeer ik alles in goede banen te leiden, zodat de jongen nog enigszins een kans hebben om te volgroeien.

Skip kan met moeite op zijn plaats blijven liggen als de hongerige verwende merels onbeholpen waggelend door de tuin schreeuwen. Hij is een vurig pleitbezorger voor een vliegverbod en verklaart de overkomende merels vogelvrij. In onze tuin komt zijn weergaloze jachtpassie gelukkig wat minder tot uiting dan in het vrije veld, maar uiteindelijk wint de oerdrift en de jonge merel wordt genekt.

Omdat ik zo te doen heb met deze hopeloze merelfamilie met opvoedingsproblemen – het is een jaarlijks terugkerende tragedie – lig ik de hele dag in de tuin op de loer of de merels nog veilig zijn. Zo niet dan help ik ze. Deze keer probeerde het door Skip opgejaagde jong weg te komen door de open afzetting met de buren. Wonderbaarlijk genoeg luisterde hij terwijl ik hem terug floot. Helaas had ik niet gerekend op de snelle actie van de zwarte buurhond in wiens bek het mereljong met een grote hap verdween. Was hier sprake van goed op elkaar ingespeeld teamwork met of zonder voorbedachte rade, of betrof het een toevalstreffer? Helaas gold voor deze jonge merel eenzelfde noodlot als zijn andere nestgenoten.

Zodoende hadden we ook dit jaar weer een i.m.: een intens verdrietige moedermerel. De hele dag hoorden we nog luide alarmeringssignalen van de vertwijfelde jonge moeder die haar jong fluit, maar allang weet dat ze geen antwoord meer gaat krijgen. Hoewel de lentezon ons naar buiten lokte, heb ik lafhartig de tuindeur achter me dicht getrokken om haar jeremiade niet meer te horen. Ik draai de volumeknop van radio extra hoog. Het verbaast me allerminst dat ik Lullaby of birdland in de versie van Count Basie hoor.

Van de Vogelbescherming heb ik ondertussen begrepen dat merels het natuurlijk verlies incalculeren en dit compenseren door extra veel jongen groot te brengen in meerdere nesten per jaar. Het advies luidt om de natuur haar eigen gang laten gaan. De volgende ochtend zien we i.m. alweer vrolijk flirten met een zwartglimmend merelmannetje. Hoera, de deur kan weer open!

uit de dikke pil: Skipkluifjes

woensdag 24 augustus 2022

KNABBEL EN BABBEL

buffelbotjes,runderhuis, retrieverrol

Om een onbekende, vast gecompliceerde reden wil Skip louter op het gazon op zijn kluifjes knabbelen. Verder zijn het merk, het model, de omvang van de kluif, de hardheid van de substantie en niet te vergeten de reuk van cruciaal belang. ‘Operatie gebitsreiniging’ luistert heel nauw. De aanschaf alleen al is een ingewikkelde procedure waar we ruimschoots de tijd voor nemen, want Skip neemt enkel genoegen met het allerbeste. Eigenlijk zijn het helemaal geen botten in kluifvorm, maar opgerolde lappen runderhuid. Je koopt ze onder de naam retrieverrol.

In de dierenwinkel wordt er door Skip gewikt en gewogen - welke zal hij kiezen - totdat er uiteindelijk twee exemplaren overblijven die gekocht mogen worden. Deze lopen aan het uiteinde iets uit, zodat hij ze met zijn voorpoten goed vast kan houden. Thuis begint pas het echte teamwork. Het eerste stukje wordt door mij Babbel, met een nijptang losgetrokken, zodat er een recht lapje aan het duimdikke stokje ontstaat. Dit knauwt hij, liggend op het groene tapijt, af tot aan het einde. Vragend gaat hij daarna voor me zitten. Ik trek weer een stuk huid verder los met mijn vrouwvriendelijke gereedschap, tot het laatste velletje op is. De inhoud, een restje kronkelige buffelhuid (wij noemen dit de matroesjka*) wordt in de tuin begraven om week te worden. Binnen moet ik doen alsof ik van niets weet, terwijl zijn stoffige snoet hem verraadt. Ik klets wat onzin tegen hem en hij kijkt me voldaan aan. We begrijpen elkaar.

Het restant ligt intussen zeer zichtbaar in de grond. Erg diep begraaft hij het niet. Doorgaans wordt er met de snuit een centimeter grond opzij geduwd. De matroesjka wordt neergelegd en met de snuit slordig toegedekt met wat rulle grond. Ik doe altijd alsof mijn neus bloedt. Zodra hij maar enigszins vermoed dat ik de verblijfplaats weet, pakt hij het weer op om het elders te deponeren. Schoffel ik onwetend in de buurt, dan volgt hij me met argusogen. Zodra ik mijn hielen licht, begint het hele ritueel weer van voren af aan. * Een matroesjka, in Nederland vaak onterecht verward met baboesjka dat omaatje betekent, is een holle houten pop die onderdeel is van een reeks steeds kleinere in elkaar passende poppen.

uit de dikke pil: Skipkluifjes

VOSSENJACHT

 vossen in de schemer

Ons had al het bericht bereikt dat er vossen waren gesignaleerd. ’s Nachts komen ze tot aan de zoom van onze wijk, brutaal op zoek naar makkelijk te scoren voedsel voor hun cubs. In het ochtendgloren treffen we op een zanderige plek, een jong vosje in zithouding aan, genietend van de zonnewarmte op zijn pels. Behoedzaam benadert Skip het vosje. De mama laat zich niet zien en ze spelen kort en onbevangen met elkaar. Ik voel me bijzonder bevoorrecht om dit te mogen aanschouwen.

In datzelfde voorjaar wandelen we over in onbruik geraakte landbouwgronden. We zijn later dan anders. Ondanks de vroege lente begint het rond vier uur in de middag te schemeren. Skip bespeurt direct een uiterst interessante geur en is niet meer te houden. Ik roep nog dat een vossenjacht een gezelschapsspel is, maar hij onderneemt de tocht in zijn eentje.

Mist komt snel en uit het niets op zetten. Skip lijkt helemaal in de ban van de vos. Het wordt al gauw schemerig en door de zeer dichte nevel horen of zien we niets. Op een gegeven moment kunnen we hem nog onmogelijk lokaliseren. Voorbijgangers helpen door hun honden mee te laten zoeken, met als gevolg dat deze ook verdwijnen. Er heerst doodse stilte. Geen geluid van krakende takjes of geritsel, geen enkele moer.

Ik weet dat Skip zo afgeleid is, dat hij de wereld om zich heen vergeet. Skip heeft uitdagingen nodig om zich vrij te voelen. We gunnen hem die (Bu)hondse driften, maar op zulke momenten kijk ik uit naar de tijd dat hij zijn wilde haren en daarmee zijn streken verliest.

Meer dan een uur is er verstreken. Geduld hebben in het aardedonker is niet mijn sterkste kant. We besluiten ons op te splitsen en kiezen elk een andere richting door het bijna ondoordringbare struikgewas. Eén persoon houdt de wacht op het punt waar de grote verdwijntruc heeft plaatsgevonden.

Ik ontdek nooit door mensenvoeten betreden struinpaadjes van de vos. Spinnenwebben plakken in mijn haren en gezicht. Met mijn jas blijf ik aan grote doorns hangen. De schuwe vos schiet rakelings langs me heen. Ik schrik, maar bedenk meteen dat de honden dan niet ver kunnen zijn. Ik roep opgewonden dat we hier moeten zoeken. De andere hondeneigenaresse gebruikt de vergeten hondenfluit die ze bij zich draagt. De beide ‘hulphonden’ met de toepasselijke goede-doelen-namen Bob en Bono melden zich meteen. In hun kielzog een uitgeputte Skip, die zich niet wil laten vangen.

Ik laat me, koud en vermoeid, op een zwerfkei zakken. Had ik toch zo’n goed werkende zeldzame toverfluit. Wat spookt Skip uit en waarom komt hij niet? Ten einde raad gooi ik wanhopig het hoofd in de nek en huil als een wolf. Op een steenworp afstand zie ik een paar flitsende amandelvormige vossenogen wegschieten. Een soort afscheidsgroet? Skip begrijpt dat het spel is afgelopen en geeft op. Schoorvoetend schuift hij, uit het niets, tegen me aan. Heimelijk loos ik een zucht. Mijn gemoedrust is hervonden, de vossenjacht is ten einde.

uit de dikke pil: Skipkluifjes

dinsdag 23 augustus 2022

SAMEN DELEN

 

Skip kreeg een buffelbot cadeau dat hij nauwelijks aanraakt. Het bot dient uitsluitend als pronkstuk voor de visite. Logee Tyra toont hevig interesse in het bot en allicht begint Skip er nou vol overgave aan te knagen. Die aandacht blijkt precies wat hij zoekt. Ze stelt zich voor hem op en tracht hem te hypnotiseren. Zij heeft best trek, maar vangt steeds bot. Tyra, bepaald geen dom gansje, verzint een list. Gewiekst spurt ze luid keffend naar het raam. Skip sjeest er nieuwsgierig achter aan, het botje onbewaakt in zijn mand achterlatend. Zij sprint terug naar de mand en grist het botje om er hebberig op te kauwen. Skip begrijpt dat hij erin is geluisd.

Hij laat zich niet om de tuin leiden en probeert een gelijke tactiek bij haar. Ondanks dat zij een geraffineerde tante is, werkt het. Skip heeft zijn bot weer in eigendom. Eerlijk zullen we samen delen, ik een beetje meer dan jij. Stuivertje wisselen blijkt een onderhoudend spelletje. Het gaat er gemoedelijk aan toe tot er praktisch niets meer van het bot over is. Het laatste velletje blijft liggen uit beleefdheid.

uit de dikke pil: Skipkluifjes

maandag 22 augustus 2022

JACHTSCHOTEL

 hond met konijn in buik

Rond uitlaattijd maken we een wandeling met Skip en IJslandse Hond Skolli in een afgelegen bos. Beide honden blijven aangelijnd. Dat is wel zo fair. Desalniettemin vangt Skip razendsnel een overstekend konijntje dat, net voor onze voeten, uit de struiken te voorschijn schiet. Skip is bang dat de logé het konijntje afpakt en blijft er vastberaden mee in zijn bek lopen. Ik lijn hem af, zodat hij zijn prooi ergens kan verstoppen. Maar hij vertrouwt het niet. Argwanend blijft hij cirkelen om een geschikte bergplaats te vinden.

Dan zien we hem, met eigen ogen, het konijn in zijn geheel in één hap doorslikken. Zijn eigen buik fungeert als kluis. Dat is inderdaad de enige plek waar er niemand bij kan. Volledig verbijsterd kijken W. en ik elkaar aan. We verwachten eigenlijk dat Skip acuut in elkaar zal zakken en stikken. Of het op zijn minst benauwd zal krijgen. Maar niets van dit alles gebeurt. W. komt als eerste weer bij zijn positieven. Hij stamelt iets van ‘gsm bij zich’ en ‘dierenarts bellen’.

De dierenarts kan er wel mee lachen en vraagt: ‘Wat heeft hij nu weer uitgevreten?’ ‘Uitgevreten? Zeg maar opgevreten!’ De dierenarts vertelt dat het geen kwaad kan en dat hij hoogstens een beetje moeizaam op zijn zij kan liggen vannacht. Plantaardig spul zoals een maïskolf schijnt veel gevaarlijker te wezen. Skip blijft er stoïcijns onder en we merken niets vreemds of anders aan hem. Hij wil thuis zelfs gewoon zijn voer.

’s Avonds ligt hij zeer content in de hondenmand en maakt smakkende geluiden in zijn slaap. Hij is vast aan het herkauwen. We volgen het advies van de dierenarts op en controleren vijf dagen zijn ontlasting. De tweede dag draait Skip een gigantische bolus. Ik peuter er verwachtingsvol met een stokje in, maar vind zelfs geen tandje of stukje bot terug van het onfortuinlijke konijn. Ongelooflijk, alles verteert.

Enige maanden later heeft Skip een buitenkansje. Hij vangt weer een konijn en laat het na een dodelijke beet direct los. W. was nog kort in de veronderstelling dat deze buit sociaal met ons gedeeld zou worden en dat er ‘s avonds jachtschotel op het menu zou staan. Voor mij als vegetariër is het geen aanlokkelijk aanbod. Ik ga liever voor het alcoholische drankje dat erbij hoort. Zo’n crime passionnel went voor mij althans nooit. Bij nadere inspectie blijkt het konijn de gevreesde ziekte myxomatose te hebben. Zou Skip daarom het konijn meteen neer hebben gelegd? Deze keer kan ik met een gerust hart toosten met een glas rode wijn. In feite heeft Skip een barmhartige daad verricht.

uit de dikke pil: Skipkluifjes

STROOMVERSNELLING

hond rent tegen schrikdraad

In onze gemeente worden hoofdzakelijk schapen ingezet om het openbaar groen natuurvriendelijk te onderhouden. Langs paden en wegen worden mobiele omheiningen van gevlochten (stroom)draad geplaatst. Binnen deze netten kunnen de schapen veilig grazen. Op een broeierige middag staan de ooien in de berm langs het pad waar we altijd lopen. De herder bleek met zijn kudde aan de wandel. Aangezien Skip schapen faliekant negeert, verwachtte ik geen problemen. Alvorens we aan de omvangrijke kudde voorbij moesten, snelde Skip er schichtig en met een grote boog omheen. Het waren aanzienlijk veel wollige dames!

Ik stuurde hem, al roepende, richting de ingang van een nabij gelegen wei. Hier was een waadplaats ontstaan door de overvloedige regen van de afgelopen tijd. Daar zou hij zijn dorst kunnen lessen. Naast de toegangspoort stonden nou zwarte kunststoffen cementkuipen die dienst deden als drinkwatervoorziening voor de schapen. Helaas zag Skip de verplaatsbare afrastering niet. Terwijl hij vooroverboog om te drinken, bleef zijn kruin in het oranje net waar stroom op stond, steken. Hij gaf een ontiegelijk hoge gil, raakte in een stroomversnelling en hinkte met verkrampte poten in blinde paniek naar een flink eind verderop waar hij kermend tegen een bakstenen muur bleef liggen. Het leek wel of er in plaats van zwakstroom, 220V op stond. Ik ben naderhand teruggegaan en heb de herder erover aangesproken en heb tevens zelf aan de draad gevoeld; meer dan een onaangename schok kreeg ik niet. Een hond moet dit anders en als zeer pijnlijk ervaren, want Skip is niet gauw uit het veld geslagen.

Enfin, zolang de dekbedjes er nog graasden, wilde Skip pertinent niet meer die kant uit. Zodra hij ze rook, zette hij de handrem erop. Dit werkte zo niet. Ik heb eerst afgewacht tot zij ergens anders gestald werden. Daarna met een heftig tegenstribbelende hond aan de lijn, geprobeerd langs de achtergebleven stroomloze draad te lopen. Geen gezeur en niets aan de hand: je bent toch een flinke Vikinghond! Ik pakte de draad steeds vast om te laten zien dat het veilig is. Het heeft zeker anderhalve maand geduurd, voordat het voorval compleet uit zijn systeem verdween en hij er weer op zijn gemak liep.

Onverwacht bleek de schokkende ervaring van Skip een pluspunt. Toen hij onlangs blindelings achter een haas aan schoot - die uit angst de weg overstak - heb ik zijn gil ‘AUWWAUWWAUW’ nagebootst en als noodkreet geschreeuwd. Het werkte! Hij kwam abrupt tot stilstand en draaide zich direct om en rende met haastige spoed naar me toe. Ik had mezelf intussen met een van schijnpijn vertrokken gezicht en quasi kreunend, theatraal op de grond geworpen. Skip ging naast me zitten en likte toegewijd mijn gezicht. Ik stamelde brav hund en krabbelde, zogenaamd dankzij zijn reddingsactie, weer overeind. Ook de angsthaas ontsnapte die dag ternauwernood al zigzaggend tussen het rijdende verkeer door. Ik besef terdege dat we die dag allemaal het haasje hadden kunnen zijn. 

uit de dikke pil: Skipkluifjes

IMPOSANT

 hondendeken

Het was op een warme Oktoberdag. We zaten met visite op het grind. Skip wilde Skolli imponeren. Hij stuntte met zijn speelgoed en groef zijn collectie buffelbotten die hij her en der in de tuin heeft verstopt op om ze welwillend met hem te delen. De herfstzon hing lager en lager. In de schaduw werd het frisjes. Skip kwam vrolijk aangedraafd met een wapperend dekentje dat hij uit zijn mand had getrokken. Hij schoof er op de plaats van bestemming met zijn poten mee heen en weer tot het lag waar het liggen moest. Bij die ene keer is het niet gebleven. Regelmatig zien we hem met zijn wollige dekentje sjouwen om het precies op die plek te deponeren waar hij prinsheerlijk wil achteroverleunen.


uit de dikke pil: Skipkluifjes

zaterdag 20 augustus 2022

NAPOLEON

 mcdonalds

In een vorig leven nam Skip vaker de benen. Stond bij gelegenheid het tuinpoortje op zijn vorig adres op een kier, dan kon hij zichzelf niet bedwingen om op eigen houtje op onderzoek uit te gaan. Ter afsluiting bleef hij dagen weg. Na dit hachelijke incident werd hij ter adoptie aangeboden. Skip is opmerkelijk zelfstandig en loopt niet in zeven sloten tegelijk. Dat blijkt wel uit het feit dat hij pas na het afronden van zijn ongeoorloofde expeditie, aanklopte bij een huskyfarm vele kilometers van zijn woonplaats verwijderd.

Hij woont alweer jaren tot groot plezier bij ons. Tegenwoordig kan ik aan de stand van zijn oren en schouders aflezen of Skip zin heeft in een veldtocht. Eén luttele seconde vóór dit specifieke moment krijg ik nog de kans om hem te strikken door spannender te zijn dan datgene waar onze fanatieke jager naar toe wil. Marith, het charmante dochtertje van Skips vorige eigenaar vertelde ons, dat hij gedurende de kraamtijd Napoleon genoemd werd, omdat hij de baas speelde, als eerste op ontdekkingstocht ging, nergens bang voor leek en altijd haantje-de-voorste was. Napoleon Bonaparte is vooral befaamd en berucht om zijn strategische veldtochten. Dat hier een parallel kan worden getrokken, begrijp ik, maar Skip was daar nog een schattige pup die braaf bij zijn moeder en nestgenootjes verbleef. Hoe hadden zij kunnen voorspellen dat Skip een aparte was en heel bon in avontuurlijke escapades?

Skip is een inschikkelijke loyalist en een gewillige knecht die zich binnen een team eenvoudig voor het karretje van andere honden laat spannen. Juist het tegenovergestelde van een grotesk leider. Frappant, want over Napoleon heerst ook gerede twijfel. Was hij een goedhartige kleine korporaal die populair was bij zijn onderdanen vanwege zijn doorzettingsvermogen of een nietsontziende hebzuchtige tiran met een onmetelijke expansiedrift? Enkele capaciteiten zouden op Skip van toepassing kunnen zijn: hij is een conflictvermijdende allemansvriend en geliefd bij iedereen om zijn gematigdheid. Vervelende trekjes van een dwingeland figuur bezit hij volstrekt niet.

Het blijft me toch bezighouden of Skip in eerste instantie die naam kreeg en waarom. De fokster beweert dat Skip, vanaf geboorte Skip heeft geheten. Ze vermoedt dat de kinderen van beide families indertijd de naam tijdens een of ander spel hebben verzonnen. Een andere verklaring heeft zij er niet voor. Toch vindt Annelita (eigenaresse van broer Kiran) onlangs een gedateerde mail met als afzender de tijdelijke namen van de pups: Buba, Kiara, Kuif (nu Kiran), Panda en Napoleon (nu Skip)! Hoe het ook zij, als ik Skip later die dag weer eens dartel als een kangoeroe door het veld zie hopsen, weet ik zeker dat er geen treffendere naam gekozen kon zijn dan de naam die hij sindsdien draagt: Skip(py). Napoleon en Skip, hun beider geschiedenis zal altijd een mysterie blijven.

Intrigerend detail blijft dat, tijdens ons eerste bezoekje met Skip en Marith aan een McDonald’s, bleek dat het restaurant finaal was ingericht met het thema ‘Napoleon’. Het leven hangt van toevalligheden aan elkaar.

first time mcdonalds

uit de dikke pil: Skipkluifjes

vrijdag 19 augustus 2022

VIKINGPAD

 wandelroute

Sinds begin jaren negentig loop ik met mijn honden meestal een vaste route langs de Maas. Sindsdien is er helaas veel veranderd. Van woeste natuur in de Oude Beemden naar asfaltpaden en aangelegde natuur. De kronkelige, modderige paadjes voerden door weilanden met paarden en je moest soms over slordig gespannen prikkeldraad heen stappen. De honden konden er gemakkelijk onderdoor of sprongen tussen twee draden door. Sporadisch was er toegang door een poortje en aangepaste kleding en schoeisel was noodzakelijk. De vaste wandelaars in dit gebied hadden zelf benamingen bedacht om te doelen op de diverse gedeelten. Vossenveld, bijdepaardjes, ganzenweitje: iedereen wist feilloos waar je bedoelde. Het oude wandelpad lag er al die tijd naamloos bij. Het voornaamste was echter dat je door de ruigte van het gebied slechts hondenwandelaars tegenkwam - een enkele vogelaar daar gelaten – waardoor de viervoeters er ongestoord los konden rennen. We hebben er vele gezellige ontmoetingen gehad.

Moeder Maas gooide roet in het eten door allengs buiten haar oevers te treden. Er werden terecht maatregelen genomen tegen de overstromingen. Maar zoals het vaak gaat met de overheid moet natuurlijk schoon worden ‘beschermd’, aangelegd of verlegd. Er wijzigde nog iets. Onze overleden IJslandse Hond kreeg een Noorse Buhund als opvolger en weer liepen we de gebruikelijke weg. Het idyllisch paadje werd een drukbezocht geasfalteerd pad voor wandelaars én fietsers. Voordeel is wel dat we niet meer elke dag de klei van broek en laarzen hoeven te schrapen. Nadeel is dat je pas na de ochtendspits kunt wandelen omdat het er anders te druk is. Er is een voordeel: Skip is geen vroege vogel.

Langzamerhond kent iedereen Skip. De vrolijke Noorse Buhund is er een graag geziene gast, zo lang hij maar beneden door het struikgewas rent en zich niet onaangelijnd op de verhoogde dijk vertoont. Bij regenweer, gladheid of als het rustig is en we niemand hinderen, zijn we graag burgerlijk ongehoorzaam en loopt Skip gewoon los. Enkele joggers trakteren zelfs steevast op hondenkoekjes. Skip helpt mee aan de dijkbewaking door de aanwezige konijnen- en mollenpopulatie in bedwang te houden. Voor de zuurkijkende ochtendfietser op weg naar zijn werk zorgt hij voor een vrolijke noot met zijn grappige huppeltje.

Plompverloren staat er op een dag een ijzeren paal met een gloednieuw naambordje erop bevestigd: VIKINGPAD. Even stond ik perplex en dacht: goh, wat enig, het pad is naar onze blonde Viking vernoemd. Of het zo had moeten zijn, droeg ik het fototoestel bij me. Het werd een onofficiële onthulling zonder publiek en fanfare. Vol trots poseert de prille VIP met het straatnaambordje voor de camera. Ietwat verdwaasd van opwinding wandelen we daarna door.

De droom spat snel uit elkaar als we verderop het gebouw van de plaatselijke kanovereniging zien liggen. Het houtwerk krijgt net een fris likje verf. Op een rond bord dat tegen de gevel gehangen wordt, lees ik: kanovereniging Viking. Het lijkt me aannemelijker dat het pad daarnaar is vernoemd. Ik besluit geen navraag te doen bij de gemeente hoe het werkelijk zit. Soms is fantasie leuker dan de realiteit. Voor ingewijden is het voortaan Skips paadje.

uit de dikke pil: Skipkluifjes

donderdag 18 augustus 2022

GEVONDEN VOORWERPEN

gevonden voorwerp terecht

Skip is reuzeslim in spelletjes aanleren. Het concept ‘zoeken’ wil op de een of andere manier niet tot hem doordringen. Daarom oefen ik dat een paar keer per week met hem. Ik verstop dan sterk geurende stukjes pens. Of zijn favoriete pluche konijn. Eerst mag hij zien dat ik het ergens neerleg. Snapt hij wat de bedoeling is en vindt hij de pens of apporteert hij het konijn dan gaan we naar de volgende fase. Daarna moet hij in een andere kamer wachten dan waar ik het voorwerp verstop. Hij mag pas in actie komen als ik ‘zoek!’ roep. ‘Wachten’ kan hij prima, maar het ‘zoeken en vinden’ gaat nog niet echt geweldig. Ik moet flink bijsturen met een ouderwets ‘warm, warmer, heet! of ‘koud, ijskoud, brr’. Tot mijn schaamte moet ik bekennen dat ik hem bijna een dom blondje had genoemd, zeker na wat er deze middag is gebeurd.

Vanmiddag was Skip fenomenaal. Dagelijks gaan we met Skip naar het bos. Zien, doen we hem meestal niet. Zodra hij uit de auto springt, schiet hij als een komeet de wildernis in. Daarom draagt hij er zijn halsband waaraan een authentieke Franse jachtbel hangt. Die heeft als doel dat we hem tot honderden meters afstand kunnen waarnemen. Horen we de bel niet meer, dan weten we dat we hem terug moeten fluiten.

Aan het einde van een fijne lange wandeling in het najaarszonnetje wil ik hem aanlijnen en merk tot mijn ontsteltenis dat hij de halsband is verloren. We kennen het gebied op ons duimpje, maar hoe vind je in een 60 hectare groot herfstbos dat bezaaid ligt met roest- en goudkleurige bladeren, een naturel lederen bandje met een koperen bel eraan terug. Ik geef Skip de opdracht om dezelfde route te volgen die we zojuist hebben afgelegd en om zorgvuldig te zoeken. Want zonder bel, mag hij niet los.

Hij schijnt te begrijpen wat ik bedoel en loopt heel doelbewust richting een bepaald vak waar hij zo-even in verschillende konijnenholen heeft gegraven. Ik moedig hem steeds aan, want ik ben erg gehecht aan de bel, waar je bovendien niet zo een-twee-drie een nieuwe van kunt kopen. We splitsen ons op en kammen minutieus het bos uit, turen naar de bodem tot we scheelzien en kruipen door bramenbosjes – alwaar ik mijn beige met bruin gemêleerde haarspeld die ik al sinds mijn kinderjaren draag, verlies; dat kan er ook nog wel bij. Op dat moment was ik ervan overtuigd dat we de halsband en de speld nooit meer zouden zien. Skip vindt het allemaal enerverend en ik vraag me af of hij niet een spelletje ‘zoek en vind’ met ons speelt.

Na ongeveer een kwartiertje speuren, is het bij het derde hol dat tussen boomwortels verscholen ligt, raak. Een opgewonden Skip duikt erin of zijn leven er van afhangt en wroet in de mulle aarde. De grond vliegt ons om de oren. Met een bestoven snuit kijkt hij me verheugd aan en wijst tegelijkertijd naar de uitgegraven gang. Ik kniel en zie daar tot mijn oprechte verbazing de verloren halsband hangen. Niet te geloven! De sluiting blijkt nog intact. Zo te zien is het bandje achter een puntige boomwortel blijven haken en heeft Skip zich daarna los gewurmd.

Overmoedig geworden, vraagt Wim aan Skip of hij ook mijn haarspeld terug kan vinden. Dat blijkt een makkie. Skip stevent weloverwogen op het grote bramenbos af. Hij cirkelt wat en kijkt me dan vol trots aan, terwijl hij met zijn voorpoot op de grond krabt. Ik kan mijn ogen niet geloven, maar daar lag toch echt mijn dierbare haaraccessoire. Onze spoorzoeker is alles behalve een dom blondje. Hij is de held van de dag. Thuis geniet onze fabuleuze speurder van de beloofde mega mergkluif.

uit de dikke pil: Skipkluifjes

JACHTPASSIE

krokodil 

Binnenshuis is Skip een lief, toegenegen knuffelbubeertje. Je kunt je haast niet voorstellen dat zodra hij de natuur betreedt, zich gedraagt als een oerdier. Hij is een bezield graver en jager. Het is fantastisch om te zien hoe SuperSkip geniet als hij in turbo, luid yippend en skippend achter konijnen en hazen jaagt. Of wanneer hij door hoge muizensprongen in een verse molshoop duikt. Zijn hobby vond ik pas minder nadat de eerste mol het loodje legde.

Op een stralende morgen, stond ik in alle vroegte met een triomfantelijk kijkende Young Indiana Bones die een volwassen mol had gevangen in het weiland. Ik was er allesbehalve blij mee, maar hij was zo vergenoegd met zijn vangst dat ik niet het lef had om me ermee te bemoeien. Momfer de Mol voorzien van een weelderig, donkerbruin bontjasje, een snoezig roze snuitje, en opvallend schone handjes voor een beestje dat ondergronds leeft, verzette zich hevig. Het was vreselijk. Skip faalde om hem met een stevige hap doormidden te bijten. Ik smeekte hem jankend de mol uit zijn lijden te verlossen. Skip toog naar de Maas en hield de mol onder water net zo lang tot deze verdronk. Hij vlijde hem teder op het pad neer, streek er met zijn poot over. Gemakzuchtige kraaien cirkelden boven ons.

Frappant detail. In de krant van de dag erna stond een grote foto van een reiger die een jong konijntje naar binnen slokte. De techniek die hij had gebruikt was de verdrinkingsdood. Zou onze dr. Doolittle ook met reigers kunnen communiceren?

Had Skip dit afgekeken van de reigers waar er hier plenty van in het muizenveld staan te posten of zij van hem? Maanden later en het water in de Maas staat al dagen erg hoog. We hebben  slechts een smal deel dijk ter beschikking. Skip vindt het heel gewaagd om langs die grote woeste plas te jutten. In zijn verbeelding worden drijvende boomstammen krokodillen en elk aangespoeld attribuut wordt hebberig opgepakt om weer in te ruilen voor het volgende. Er zijn ontelbaar veel molshopen op de strook die ons rest, en zelfs ik hoor de veldmuisjes piepen. Diegene die het gered hebben, kunnen geen kant op. Voor de opgewonden Skip moet dit paradijs zijn. Voor het uitgraven heeft hij een speciale strategie. Hij graaft van twee kanten een lange sleuf naar het midden toe, waarna de mol via de centrale hal naar boven komt omdat alle (uit)gangen zijn geblokkeerd.

De hongerige kraaien die op de kale boomtakken zaten, hielden hem al een tijdje verwachtingsvol in het oog. Ze hebben Skip dikwijls in actie gezien en rekenen erop dat hij voor hun lunch gaat zorgen. Ze werden steeds brutaler en kwamen dicht achter hem op de grond zitten. Telkens als Skips pootjes de uitgegraven grond de lucht in slingerden, hipten ze op. Het is mooi om te zien hoe hond en vogel, toch zeer verschillende diersoorten, kunnen samenspannen. Voor Momfer liep het slecht af. Niettemin heb ik geaccepteerd dat er vanwege Skips liefhebberij onschuldige slachtoffers vallen. Ik troost me met de gedachte dat kraaien ook moeten eten.

uit de dikke pil: Skipkluifjes

STAMPEDE

 galloway on the loose

Spannend. Voor het eerst betraden Skip en ik een weiland dat begraasd wordt door Galloway runderen. Dit zijn imposante harige, zwarte grazers zonder horens. Ze lopen er vrij rustig in een groepje van een stuk of tien. Aangezien we Skip als jong volwassene adopteerden, wisten we niet hoe hij zou reageren. Skip bleef aangelijnd en we hielden ruimschoots afstand. Er gebeurde niets. De koeien stonden vlijtig te grazen en negeerden iedereen. Het is een drukbezocht wandelgebied waardoor ze gewend zijn aan (onaangelijnde) honden en mensen. Skip was gladweg niet geboeid door de logge donkere dieren.

Ik was wel onder de indruk van de imposante runderen en de aanbeveling op het groene bordje om een afstand van 25 meter in acht te nemen, nam ik royaal. We verkenden meerdere malen het terrein. Soms moesten we dicht langs de wilde beesten onze weg vervolgen.

Laatst was er geen rund te bekennen. Skip werd losgekoppeld van de lijn en sjeesde het veld in. In de verte zagen we ze uiteindelijk toch staan. Ik besloot om ruim voor die plek te keren. Skip volgde me keurig. De keer daarna leek het erop dat de kust weer veilig was. Een leeg weiland. Skip kreeg de vrijheid. Plotseling doken tussen de hoge struiken, waar ze graag liggen te herkauwen wanneer het warm is, een paar runderen op. Aan het formaat te zien, leken het vrouwtjes met een wat ouder kalf erbij. Het kalf rende vrolijk op Skip af. Samen maakten ze bokkensprongetjes. Het zag er geinig en onschuldig uit. Zelfs de dames rund keken geamuseerd toe: och, dat jonge grut.

Sindsdien was ik een beetje over mijn angst heen. We bleven wel voor de zekerheid op veilige afstand. Bij een volgende wandeling speelde Skip weer kort met het kalfje en dook zelfs een keer onder zijn poten door. Ik vervolgde mijn weg, zodat Skip me zou volgen. Het bleek dat het kalfje als chaperonne niet zijn bevallige tantes had, maar Pa Galloway die liet merken dat hij hier niet van gediend was. Brede neusgaten in een dreigende schuddende kop en een scharende beweging met een van zijn achterpoten was voldoende om ons duidelijk te maken dat híj hier de baas was. We moesten zelfs door laagwater vluchten om op veilige afstand te blijven. De stier genoot duidelijk van zijn machtspositie. Ik dacht zelfs dat ik hem stiekem zag gniffelen toen we ons uit de voeten maakten.

De keer erop besloot ik om Skip aangelijnd te houden al was er in de wijde omtrek geen rund te bekennen. Wij waren immers te gast in hun leefgebied. Welnu, dat vonden zij inderdaad. Blijkbaar hebben ze een goed geheugen, want ze hadden ons al op afstand herkend. Met zijn allen vormden ze een zichtbaar cordon vanaf de waterkant tot aan het hek en versperden zo het pad voor ons. We zagen ons genoodzaakt het weiland via het poortje direct weer te verlaten om een heel eind verderop het gebied pas weer in te kunnen. Onbegrip, was de boodschap niet duidelijk overgekomen? Door Skip vast te houden, had ik toch respect getoond?

Later die week hoorde ik van een buurtbewoner die uitzicht op het weiland heeft dat er een stampede was geweest. Een bazin wilde haar hond uitlaten. Terwijl ze bij het poortje stond, kwamen de runderen massaal aangehold en bleven, dicht langs het hek bij de poort, staan. De vrouw heeft zich uiteraard uit de voeten gemaakt. De vraag blijft waarom de runderen op hol sloegen. Was het omdat de verzorger van de kudde in aantocht was? Bepaalde tijden van het jaar worden ze namelijk bijgevoerd met extra hooi. Of meenden ze in de blonde Labrador die exact dezelfde vachtkleur als onze Noorse Buhund heeft, Skip te herkennen en wilden ze koste wat koste de toegang tot het gebied barricaderen? Of beeld ik het me allemaal maar in en maak ik ons ten onrechte hoofdrolspelers in bovenstaand verhaal?

uit de dikke pil: Skipkluifjes

ROUTINE

 werkterrein, verboden toegang,

Elke dag dezelfde ochtendroute, maar soms is dat onuitvoerbaar. De weg die we normaliter oversteken, is thans gebarricadeerd met een rood-witte afzetting. Er staat een torenflat gepland. De nieuwe weg zal er straks omheen worden geleid. ‘Tijdelijke overlast’ noemt men dat. Skip is zo voorgeprogrammeerd dat hij, ondanks het vreemde obstakel dat pal voor onze neuzen opdoemt, gewoon doorstoomt. Iets verderop kunnen we wel verder, maar Skip wil regelrecht op de gebruikelijke plek naar de overkant. Daar is momenteel een hekwerk geplaatst dat hem nog meer in verwarring brengt. Hij probeert er onderdoor te schuifelen en springt er tegenaan met de bedoeling er overheen te klimmen. ‘Nee, we kunnen echt niet DOOR het hek’, leg ik uit. De ongelovige Thomas accepteert de voorgestelde alternatieve route pas, nadat hij zelf constateert dat we zoals de situatie nu is onmogelijk verder komen.

Op de terugweg van hetzelfde laken een pak. Voorheen namen we de – reeds afgebroken - trapjes. Telkens moet hij iets dat anders dan anders is, zelf geconstateerd hebben, voordat hij overtuigd is. Zijn de trapjes dan soms linksaf of verderop om de bocht? Ernstige dilemma’s voor een hond. In plaats van stenen treden ligt er op dit moment een immense zandberg die hoogst aantrekkelijk voor konijnen is, en dus voor Skip. Die gele hoop is meteen het enige pluspunt van alle bouwwerkzaamheden.

Bijna is het zover. De weg is haast klaar en we glippen stiekem door de afrastering. Skip begrijpt er geen snars meer van. Waarom de hele tijd dat geneuzel van ‘kan niet’ en ‘gaat niet’, terwijl het hekwerk opeens wél aan de kant kan worden geschoven? Raarrr. Het voetpad naar de weg is aangelegd en opgeleverd. We zouden weer als vanouds het bekende stramien kunnen volgen, ware het niet dat Skip inmiddels zo aan het hekwerk gewend is geraakt, dat hij daar pal voor blijft wachten.

uit de dikke pil: Skipkluifjes

woensdag 17 augustus 2022

GESCHIKT

 noorse buhund

Om uit te rusten van zijn avontuurlijke belevenissen mag Skip in de avonduren graag genieten van een adembenemende televisiedocumentaire waarin andere diersoorten zich uitsloven. Zou hij voor de ontspanning kijken, of neemt hij de informatie daadwerkelijk tot zich en spijkert hij zo zijn jachttechnieken bij?

Tussen zijn favoriete programma’s door verschijnen de onvermijdelijke commercials. Iedereen kent waarschijnlijk het reclamespotje van de Landmacht waar een in een strandstoel achterovergelegen knul in zijn achtertuintje van de zon geniet. Aan de andere kant van de heg probeert de norse buurman zijn boxer op briesend commando te laten zitten. De boxer reageert pas als de jongeman van ernaast, op vriendelijke toon ‘zit’ zegt. Dat Skip daadwerkelijk beeld en geluid in zich opneemt, blijkt wel uit het volgende.

We bevinden ons in het lokale losloopgebied. Een man traint er met zijn flatcoated retriever. Ik gebaar Skip om door te lopen, zodat de twee ongestoord kunnen oefenen. Skip kijkt steeds schichtig achterom wanneer hij de bars uitgesproken commando’s hoort. Een dergelijke strenge aanpak is Skip onbekend. Mij is altijd geleerd een spaarzame stem te gebruiken en vriendelijk met je hond om te gaan; hij is er tenslotte voor ons beider plezier. Los daarvan is het hondengehoor sowieso veel beter dan dat van de mens: schreeuwen is onnodig.

De retriever wordt steeds erger afgeblaft. Hij weigert pertinent een commando op te volgen. Eigenlijk is het een gênante vertoning. De hond heeft er geen oren naar en dat hij noodgedwongen de benen neemt is begrijpelijk. De man – die ik ondertussen de sergeant ben gaan noemen – brult loeihard ‘blijf’. Skip blijft als aan de grond genageld staan, terwijl hij niet eens in het blikveld van de drilinstructeur is. Direct na ‘blijf’ wordt er ‘zit’ gebriest. Dan gebeurt er iets heel wonderbaarlijks. Skip gaat prompt en op commando kaarsrecht zitten. Je ziet hem denken ‘laten we maar doen wat de sergeant zegt, anders zwaait er wat.’

Ik schiet onbedaarlijk in de lach om onze blonde knuffel. Nooit geweten dat hij buiten zo perfect was afgericht in het opvolgen van bevelen. Hij verdient terecht het predicaat ‘geschikt’. De sergeant werd nog ziedender. Hem vond ik alleszins niet lachwekkend, dat moest hij toch begrijpen. Terwijl ik Skip uitgebreid prijs, zijn man en hond ineens verdwenen. Ik hoop met de staart tussen de benen. Voor de arme hond (die ik na deze afgang trouwens nooit meer heb gezien) hoop ik oprecht dat zijn baas tijdens het zappen belandt in de Landmacht commercial en zichzelf herkent als iemand die wordt aangevinkt in het vakje ‘ongeschikt’.

uit de dikke pil: Skipkluifjes

ERFENISKWESTIE

 verzameling

Het gebeurt niet zelden dat familieleden bij een nalatenschap ruzie krijgen over de verdeling. Er is altijd één persoon die zich rijkelijker wil bedelen dan de rest. Skip kreeg het legaat van zijn voorganger ongevraagd cadeau en wilde ‘m - behalve het spiksplinternieuwe kingsize kussen - niet aanvaarden. Ondanks dat alles perfect paste, vond Skip dat hij recht had op een gloednieuw samengestelde collectie die hij naar eigen inzicht en wensen kon opbouwen.

De praktisch in nieuwstaat verkerende halsbanden, tuigje en riemencollectie die bewaard waren voor hergebruik, konden Skip niet bekoren. Hij mocht zijn meegebrachte halsband omhouden, maar de rode riem werd voor wat meer bewegingsvrijheid verruild met de onbenutte uitrollijn. Op de première wandeling had hij na ongeveer een kwartier ongemerkt de lijn doorgebeten. Zou het symbolisch bedoeld zijn? Net zoals mensen die wanneer ze het ouderlijk huis verlaten of op latere leeftijd op advies van de psycholoog de onzichtbare navelstreng moeten doorknippen? Ik besloot het een gunstig teken te vinden. Bovendien … riemen genoeg.

Al gauw bleek dat de reden een afwijkende betekenis had. Skip wilde geen doorgevertjes en daarmee basta. In rap tempo werd de erfenis er doorgejaagd. Riemen werden gemolesteerd en er verdwenen steeds vaker op miraculeuze wijze tweedehonds spullen. In no time was er niets meer van vroeger over en was alles vervangen. De opvolger had zijn eigen felbegeerde verzameling opgebouwd. Eén relikwie heeft het overleefd: het kingsize kussen – het ultieme relaxbed waar elke hond wel op wil verpozen – viel zo in de smaak dat het negen jaar na dato nog in gebruik was.

uit de dikke pil: Skipkluifjes

ALTIJD NABIJ

  Niet te bevatten dat het vandaag, Tweede Kerstdag, 10 jaar geleden is dat we afscheid moesten nemen van mijn geliefde Skip de Wonderhond. ...